|
Het schoolplan
De school is verplicht om elke 4 jaar een nieuw schoolplan in te dienen, zowel voor het basisonderwijs als voor het voortgezet onderwijs.
Schoolbeschrijving
1.1 Naam en adres van de NTC-lessituatie.
Stichting Nederlandse Taal Kerkyra : De Leeuwenbekjes.
Velisariou 3
49100 Corfu
Griekenland
1.2 De NTC-lessituatie in zijn sociale context.
1.2.1 Op verzoek van een kleine groep ouders werd naar zoveel mogelijk Nederlanders op Corfu een enquête verstuurd,om te onderzoeken of er belangstelling was voor lessen Nederlandse Taal en Cultuur in schoolverband.De respons op deze enquête was niet teleurstellend.In totaal werden er 33 kinderen aangemeld(in de leeftijd van 4-14 jaar).Er werden contacten gelegd met lokale scholen om onderdak te vinden.Er waren al contacten met de Stichting NOB in Nederland en die werden geïntensiveerd.Begin februari 1999 werd de eerste oudervergadering belegd;op dat moment waren er 2 leerkrachten beschikbaar en was er de toezegging van het XEN(YMCA) dat we daar de lokalen zouden mogen gebruiken.Het bestuur werd gekozen en besloten werd om verder te gaan met alle voorbereidende stappen,nodig om in september 1999 van start te kunnen gaan met de lessen Nederlandse Taal en Cultuur.
1.2.2 De kinderen worden verdeeld over 6 groepen:een eerste en tweede groep,een derde groep,een vierde groep,een vijfde groep,een zesde groep en een zevende en achtste groep.Binnen de groep werken de kinderen zoveel mogelijk samen met kinderen van een vergelijkbaar niveau.
We werken niet samen met een andere school,al zijn er contacten met scholen in Griekenland waar NTC-lessen worden gegeven.De kinderen uit de eerste 2 groepen volgen niet allemaal volledig dagonderwijs op een Griekse school.De kinderen uit de verdere groepen wel.De NTC-lessen worden na het dagonderwijs op een Griekse school gegeven.Contacten tussen de leerlingen zijn dus alleen mogelijk tijdens de lessen NTC en via de ouders.De ouders kunnen dat tijdens een wekelijkse koffieochtend gedurende de wintermaanden en andere activiteiten.
1.3 Het gebouw/het lokaal.
1.3.1 De NTC-lessituatie was te gast op de school van het XEN(YMCA).,die in het centrum van Corfustad ligt.De groepen hadden daar 3 ruimtes tot hun beschikking en konden gebruik maken van een buitenspeelplaats.De school was van alle faciliteiten voorzien.Vanaf 2001 was de school gehuisvest in een gebouw uit de jaren negentig en had daar,op de eerste verdieping,twee ruime lokalen met openslaande balkondeuren tot zijn beschikking,die gebruikt werden om de verschillende groepen te onderwijzen.De grootste ruimte werd gedeeld met de „Hollandse Club“ en was in gebruik als peuter/kleuterlokaal.Het kleinere lokaal werd door de rest van de groepen gebruikt.In deze ruimte bevond zich de kinderbibliotheek met lees-en prentenboeken en documentatiemateriaal.Ook was er de beschikking over drie computers.Ook hier was de school van alle faciliteiten voorzien.Vanaf 2003 is de school gehuisvest in een vrij oud gebouw in het centrum van Corfustad.Op de tweede verdieping beschikt de school over 2 lokalen met openslaande balkondeuren en een klein lokaaltje.De vierde ruimte wordt gedeeld met de “Hollandse Club”.In de kleinste ruimte bevindt zich de kinderbibliotheek met lees-en prentenboeken,video’s,tapes,kindertijdschriften en documentatiemateriaal.Ook gebruiken wij daar 2 computers.Wederom is de school voorzien van alle faciliteiten.
1.4 Het bevoegd gezag.
1.4.1 Het bestuur bestaat uit een voorzitster,een secretaresse,een penningmeesteres en 2 leden.De vergaderfrequentie is 1 keer per maand,of vaker indien nodig.
1.4.2 Het bestuur is formeel verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de school.De belangrijkste taak van het schoolbestuur is het maken van het beleid en erop toezien dat het beleid ook wordt uitgevoerd.De taken en functie van het bestuur zijn vastgelegd in de statuten van onze stichting.Het bestuur legt verantwoording af aan de ouders in de Algemene oudervergaderingen die tenminste 1 keer per jaar worden gehouden.
1.4.3 Het bestuur onderhoudt contact met de leerkrachten betreffende de gang van zaken.Bij de bestuursvergadering is het personeel meestal aanwezig..
1.4.4 Het bevoegd gezag stelt op voordracht van het team het schoolplan vast. Verschillen van mening tussen ouders en bestuur worden zoveel als mogelijk in onderling overleg opgelost.Indien dit niet tot overeenstemming leidt,kan een commissie van geschillen worden ingesteld.
1.5 Overlegvormen.
1.5.1 Wij maken gebruik van verschillende overlegvormen:
· Teamoverleg:dit maandelijkse overleg behandelt onderwerpen die betrekking hebben op de normale gang van zaken.
· Leerlingbesprekingen:leerlingbesprekingen maken deel uit van het maandelijkse teamoverleg.
1.5.2 De betrokkenheid van de ouders is enerzijds groot door het gedeelde belang van het georganiseerde onderwijs in Nederlandse Taal en Cultuur,hetgeen tot voor het oprichten van de school op een of andere wijze individueel gedaan werd.Aan het begin van het schooljaar is er een kennismakingsochtend georganiseerd voor ouders en alle leerlingen;het initiatief en de organisatie ligt in handen van het bestuur en de leerkrachten.In de oudervergadering wijzen de leerkrachten regelmatig op het belang van het thuis beoefenen van de Nederlandse taal om de lessen NTC tot een succes te maken(thuis Nederlands spreken/lezen en aandacht besteden aan huiswerk).
Hoofdstuk 2
Uitgangspunten en doelstellingen
2.1 Algemene uitgangspunten.
Het onderwijs op onze NTC-lessituatie wordt bepaald door het specifieke karakter ervan.Het is een deel van het totale basisonderwijs dat het kind wordt aangeboden.Voor de kinderen die onze NTC-lessituatie bezoeken,is door de ouders veelal bewust gekozen voor het Grieks als moedertaal en voor Nederland als het land waarmee speciale emotionele en culturele banden onderhouden worden.Ons onderwijs heeft daarom een uiterst belangrijke taak als centrum van de Nederlandse taal en cultuur.Veel kinderen zullen na zekere tijd mogelijk naar Nederland gaan om daar hun schoolloopbaan voort te zetten.Vanaf mei 2002 bestaat de mogelijkheid om op school examen te doen op alle niveau’s voor het “Certificaat Nederlands”
Op onze NTC-lessituatie is het kunnen inschatten van de taalniveaus van leerlingen-en de daaraan verbonden onderwijsdoelstellingen-een noodzaak bij het plannen van het onderwijs..
De populatie van onze NTC-lessituatie bestaat uit kinderen uit gemengde huwelijken.Het zijn kinderen bij wie een van de ouders (meer of minder) Nederlands spreekt met het kind.Juist omdat deze gezinnen Grieks-ingezetenen zijn en er geen plannen bestaan om naar Nederland te verhuizen,wordt het Nederlands als voertaal thuis snel verdrongen door het Grieks,zeker als de kinderen basisonderwijs gaan volgen.De andere ouder spreekt een andere taal(meestal het Grieks),waar het kind in meerdere mate mee opgroeit.De niet-Nederlandse taal is dominant en het kind heeft te maken met een andere dagschooltaal dan het Nederlands.In ons NTC-onderwijs gaan wij dus uit van taalsituatie 2 en 3.
2.2 Algemene doelstellingen.
De algemene doelstellingen zijn af te leiden uit de algemene uitgangspunten.Daarbij wordt rekening gehouden met de bijzondere positie die onze NTC-lessituatie in het buitenland inneemt.Rekening houdend met hetgeen hierboven is gesteld,formuleren wij de volgende doelstellingen:
1. De NTC-lessituatie heeft als taak de Nederlandse taal een plaats te geven binnen de totale opvoeding van het kind.In het bijzonder betekent dit dat het NTC-onderwijs de Nederlandse taal en cultuur aanbiedt.
2. Om het NTC-onderwijs succesvol te laten verlopen hebben wij als richtlijn een minimum aantal gewenste onderwijsuren van 120 uren per jaar c.q.3 uur per week.
3. Leerstof en vaardigheden die bij het onderwijs in Nederlandse taal en cultuur overgedragen worden,staan ten dienste van de totale persoonlijkheidsvorming.
4. De NTC-lessituatie heeft ook als doel om een eventuele aansluiting met het Nederlandse onderwijs zo goed mogelijk te laten verlopen.Daarom maakt,naast de Nederlandse taal,ook de Nederlandse cultuur deel uit van het onderwijsaanbod.
5. De NTC-lessituatie op Corfu moet uitgaan van het standpunt dat het Nederlands voor onze kinderen de tweede taal is en blijft.Het doel is daarom ook de kinderen plezier bij te brengen in het gebruiken van de Nederlandse taal.
Hoofdstuk 3
Onderwijskundig beleid
3.1 Het onderwijsaanbod.
In paragraaf 2.1 hebben we het belang van het inschatten van taalsituaties naar voren gebracht.
Ook is daarin vermeld met welke taalsituaties we te maken hebben.Voor deze taalsituaties geven we ons onderwijsaanbod weer.Met name bij het opstellen van de onderwijsinhoud komt de complexiteit van ons onderwijs naar voren:hoe scheppen we voldoende taalgebruiksituaties die motiverend voor de leerlingen zijn,terwijl we toch voldoen aan de gestelde doelstellingen.Een goede voorbereiding,zowel didactisch en organisatorisch als wat betreft de keuze van materialen vinden we noodzakelijk om kwalitatief goed werk te leveren.
3.1.1 Doelstelling en onderwijsplanning voor leerlingen uit onze taalsituaties.
Doelstelling.
De niet-Nederlandse taal is dominant.Daarom vinden wij het van belang om de Nederlandse taaalontwikkeling nauwkeurig te volgen en aan te sluiten bij het niveau van de leerlingen.Doelstelling is dan het bijhouden en stimuleren,zowel schriftelijk als mondeling van het Nederlands,aansluitend bij het niveau van de leerlingen.
Onderwijsplanning.
Bij het maken van lesplanningen voor leerlingen uit genoemde taalsituaties is dmeertaligheidsproblematiek nadrukkelijk aanwezig;het kind groeit op met twee talen.Alle taalaspecten dienen aan de orde te komen op een manier die voor de leerlingen aantrekkelijk blijft.Ze hebben meestal al een lange schooldag achter de rug en komen thuis met een behoorlijke hoeveelheid huiswerk.Bovendien is het gewoon in Griekenland dat kinderen al vanaf jonge leeftijd privéles krijgen in vreemde talen.
Onze kerndoelen betreffen de domeinen spreken,luisteren,lezen,schrijven en taalbeschouwing.Om die te bereiken gebruiken we de volgende materialen:
|
Groep 1 en 2
-Idee,activiteitenmap taal/lezen.
-Boekenserie Bas
Ik ben Bas, Bas ga je mee? Bas waar ga je heen?
-Materiaal wat aansluit bij de tijd van het
jaar.
-Prent-en voorleesboeken.
-Taalspelletjes.
-Spelmaterialen gericht op taalontw..
-Ik en Ko
-Map fonemisch bewustzijn
-Werkboek beginnende geletterdheid
|
Toetsmaterialen
-Citotoetsen:
-Ordenen
-Taal voor kleuters
-Ruimte en tijd.
-Observatielijsten.
-Werkbladen
|
|
Groep 3
-Taalmethode Veilig Leren Lezen.
-Taalspelletjes.
-Spelmaterialen gericht op taalontw.
|
-Toetsen taalmethode V.L.L.
-Zelfgemaakte toetsen n.a.v de behandelde
leerstof.
-Citotoetsen:
-3 min.toets
-Lezen met begrip (SBR/SVR)
-SVS 1
-Woordenschattoets
-AVI.
|
|
Groep 4 t/m 8
-Taalmethode Taaljournaal.
-Werkboeken Spelling in de lift.
-Werkboeken Stenvert A/B/C (woordenschatontw.)
-Leesseries en boeken.
-Spelmaterialen gericht op taalontw.
-Klare taal!
|
-Toetsen taalmethode Taaljournaal.
-Zelfgemaakte toetsen n.a.v. de behandelde
leerstof.
-Citotoetsen:
-3 Min.toetsen
-Lezen met begrip (SBR/SVR)(gr.4)
-Toetsen begrijpend lezen(gr.5-8)
-SVS 1/2/3
-Woordenschattoets(gr.4)
-Leeswoordenschat(gr.5-8)
-AVI.
|
3.1.2 Nederlandse cultuur.
Omdat onze NTC-lessituatie ook tot doel heeft de leerlingen kennis te laten maken met de Nederlandse cultuur,maken onderwerpen betreffende de Nederlandse cultuur onderdeel uit van ons onderwijsaanbod.Zie bijlage 2.
3.2 De zorg voor de leerling.
In deze paragraaf geven we aan op welke wijze we bewaken dat leerlingen tussendoelen en einddoelen bereiken en hoe we zorgen voor een ononderbroken ontwikkelingsgang. We geven aan hoe we de prestaties van leerlingen beoordelen en op welke wijze we werken aan signalering, diagnosticering,remediëring.
3.2.1 Algemeen.
Wij proberen voor onze taalsituaties een goede zorgverbreding te kunnen realiseren. Preventieve zorg vindt plaats door de inschatting van taalsituaties van leerlingen. Voor elke taalsituatie zijn doelen gesteld en met behulp van o.a signaleringstoetsen wordt nagegaan welke leerlingen deze doelen niet halen.Bij uitval verricht de leerkracht nader onderzoek en stelt een handelingsplan op,om dit vervolgens in de klas uit te voeren.Ook kinderen die opvallend hoger presteren dan de norm,krijgen een op onderdelen aangepast programma.
In de zorg voor leerlingen onderscheiden we in het algemeen vier fasen:
-signalering/opsporing van risicoleerlingen;
-diagnosticering/doen van nader onderzoek;
-remediëring/speciale begeleiding;
-evaluatie van die speciale begeleiding.
In de volgende paragrafen volgt een beschrijving van de concretisering van deze fasen op onze school.
3.2.2 Signalering.
Groep 1 en 2 : Citotoetsen Ordenen,Ruimte en tijd,Taal voor kleuters.
Groep 3 : DMT,SVS1,WST 1,Lezen met begrip (SBR/SVR),AVI.
Groep 4 t/m 8 :DMT,SVS 1 /2/3,WST 1,Lezen met begrip (SBR/SVR),Toetsen Begrijpend lezen,Leeswoordenschat,AVI.
Het toetsschema volgt hieronder.
3.2.3 Diagnosticering.
Voor het diagnosticeren worden op onze NTC-lessituatie de volgende materialen en wijzen gehanteerd:
-Groep 1 en 2 :Observatielijsten taalontwikkeling en begrippen.
-Groep 3 t/m 8 :AVI,analyseschema van SVS 1/2/3,analyse woordenschattoets.
3.2.4 Speciale begeleiding
Indien blijkt dat naar aanleiding van de verzamelde informatie een handelingsplan noodzakelijk is,wordt na het stellen van de diagnose een handelingsplan opgesteld.De uitvoering van dit handelingsplan wordt door de leerkracht van de groep uitgevoerd.Een handelingsplan bestrijkt in de meeste gevallen zes weken en kan na evaluatie verlengd worden.
Toetskalender.
|
|
|
|
|
Groep
|
|
|
|
|
Toets
|
½
|
3
|
4
|
5
|
6
|
7
|
8
|
|
Ordenen
|
mei
|
|
|
|
|
|
|
|
Ruimte/tijd
|
mei
|
|
|
|
|
|
|
|
Taal v.kleut.
|
mei
|
|
|
|
|
|
|
|
W.schat-t.
|
|
dec/apr
|
nov/apr
|
|
|
|
|
|
DMT
|
|
dec/mrt/mei
|
okt/mrt/mei
|
okt/mrt
|
okt/mrt
|
okt/mrt
|
oktober
|
|
SVS 1/2/3
|
|
feb/juni
|
feb/juni
|
feb/juni
|
feb/juni
|
feb/juni
|
feb
|
|
SBR
|
|
mei
|
feb/juni
|
|
|
|
|
|
SVR
|
|
mei
|
feb
|
|
|
|
|
|
T.Begr.Lez.
|
|
|
|
jan
|
jan
|
jan
|
jan
|
|
Leesw.schat
|
|
|
|
april
|
nov/april
|
nov/april
|
nov
|
Alle toetsen genoemd in de toetskalender zijn afkomstig van het Cito.
.
3.2.5 Evaluatie.
Systematische toetsing en observatie vinden wij van belang om de ontwikkeling van de kinderen bij te houden en te beoordelen. Door een eventuele aanpassing van het onderwijsprogramma kan dit zo goed mogelijk op het kind worden afgestemd. De klassikale toetsgegevens verzamelen we in een map per groep.
In het geval dat speciale begeleiding nodig is, kijken we na een van te voren vastgestelde periode of de speciale begeleiding effect heeft gehad en of voortzetting van speciale begeleiding wenselijk is. Handelingsplannen verzamelen we in een leerlingdossier.
3.2.6 Privacy.
De leerlingdossiers bewaren we bij de leerkracht van de betrokken groep en zijn slechts toegankelijk voor direct betrokkenen. Leerlingdossiers bestaan uit:
· Personalia en eventuele medische gegevens;
· Eventuele handelingsplannen;
· Verslagen.
3.2.7 De contacten met de ouders.
De contacten met de ouders over de vorderingen van kinderen op onze school onderhouden we op de volgende wijze:
· Eenmaal per jaar ontvangen ouders een schriftelijke rapportage van de vorderingen van hun kind;
· Eenmaal per jaar worden de ouders uitgenodigd om met de groepsleerkracht het rapport van hun kind te bespreken in een tien-minutengesprek.
3.2.8 Onderwijskundig rapport
Over iedere leerling die de school verlaat wordt ten-behoeve van de ontvangende school een onderwijskundig rapport opgesteld, ondertekend door de directeur van de school. De ouders ontvangen hiervan een afschrift. In dit rapport staan onder meer de algemene gegevens, bijzondere gegevens (zoals leerbelemmeringen,medische gegevens,specialistische hulp )en gegevens over de vorderingen van de leerling bij de leer-en vormingsgebieden.In ieder geval wordt vermeld binnen welke taalsituatie de leerling onderwijs heeft gevolgd.
3.3 Bewaking en verbetering van de kwaliteit.
In deze paragraaf geven wij aan op welke wijze in onze NTC-lessituatie kwaliteitsbewaking en –verbetering plaatsvindt ten aanzien van het onderwijsaanbod,de leerlingenzorg en de gehanteerde overleg-en besluitvormingsprocedure.Tevens formuleren wij in deze paragraaf de
beleidsvoornemens voor de komende periode.
3.3.1 Bewaking en verbetering van de kwaliteit van het onderwijsaanbod.
D.m.v.het afnemen van over het algemeen niet-methodegebonden toetsen bewaken wij de kwaliteit van ons onderwijsaanbod. De resultaten van deze toetsen worden twee keer per jaar besproken met het team. Deze vergaderingen kunnen leiden tot een bezinning op de gehanteerde pedagogisch-didactische aanpak en tot het veranderen van het aanbod van lesmateriaal.
Beleidsvoornemens voor de komende jaren :
Wij willen onze deskundigheid m.b.t.het onderwijs voor kinderen uit de eerste 2 groepen vergroten. Daartoe zal degene die les geeft aan deze groepen een cursus gaan volgen in Nederland zodra de mogelijkheid daar is.Ook willen wij de hoeveelheid lesmateriaal uitbreiden en aanvullen.Verder zal er gewerkt worden aan het uitbouwen van het computergebruik en het uitbreiden en aanvullen van de hoeveelheid “computermateriaal”
3.3.2 Bewaking en verbetering van de kwaliteit van de leerlingenzorg.
Wij hanteren verschillende middelen om ervoor te zorgen dat de kwaliteit op het gebied van de leerlingenzorg verankerd blijft in de dagelijkse praktijk en open blijft staan voor verbetering:
· Een keer per jaar hebben we een evaluatievergadering met het team, waarin tevens punten van verbetering worden opgesteld;
· Leerlingenbesprekingen;
· Bijstellen van het schoolplan;
· Bespreking signaleringstoetsen.
Beleidsvoornemens voor de komende jaren zijn:
· Oefenen van zelfstandig werken;
· Leren werken op de boven besproken manier;
· Professionalisering van leerkrachten op het gebied van onderwijs aan groep 1 en 2.
3.3.3 Bewaking en verbetering van de kwaliteit van de overleg-en besluitvormingsprocedures.
Tijdend de in paragraaf 3.3.2 besproken jaarlijkse evaluatievergadering besteden we aandacht aan de door ons gehanteerde overleg-en besluitvormingsprocedures t.a.v.de schoolorganisatie in het algemeen en de leerlingenzorg in het bijzonder. Ter sprake komen:
· Bestuursvergaderingen;
· Teamvergaderingen;
· Bespreking resultaten van signaleringstoetsen;leerlingbesprekingen;
· Jaarlijkse evaluatievergadering.
Wij evalueren of de gehanteerde werkwijzen bijdragen aan de kwaliteit van ons onderwijs. Ook beoordelen wij in deze vergadering of eventueel gesignaleerde knelpunten in ons onderwijs weggenomen kunnen worden door overleg-en besluitvormingsprocedures aan te passen of te veranderen.
Bijlage 1
Kerndoelen Nederlandse taal
Nederlandse taal
Algemene doelstelling
Het onderwijs in Nederlandse taal is erop gericht, dat de leerlingen vaardigheden ontwikkelen waarmee ze deze taal doelmatig gebruiken in situaties die zich in het dagelijks leven voordoen; kennis en inzicht verwerven omtrent betekenis,gebruik en vorm van taal;plezier hebben of houden in het gebruiken en beschouwen van taal.
We onderscheiden de domeinen: spreken en luisteren,lezen,schrijven,taalbeschouwing.
Verdeling van de leerstof over de groepen:
Groep 1-2
Spreken en luisteren
Leerlingen beschrijven voorwerpen, handelingen en gebeurtenissen (in kring,leer-en observatiegesprek,tweegesprekjes ).Ze luisteren naar verhalen,mededelingen en opdrachten en vertellen die na resp.voeren die uit.Versjes leren.Een rol spelen.Deelnemen aan groepsgesprekken en daarin leren het woord te nemen,bij het onderwerp te blijven,te luisteren,zich tot elkaar te richten.Aandacht voor articulatie en spraakontwikkeling.
Lezen en schrijven
In het algemeen: wekken van belangstelling voor geschreven taal, ontwikkelen van het besef waarvoor symbolen dienen (‘ontluikende geletterdheid’). Daarbij maken leerlingen kennis met boeken en met voorlezen en vertellen door de leerkracht.Ook leren ze zinnen,woorden en klanken onderscheiden (auditieve discriminatie ),o.a.bij rijmspelletjes.
Taalbeschouwing
Kinderen worden d.m.v.taalspelletjes gevoelig voor klank (rijm) en andere vormkenmerken, voor betekenis (b.v. d.m.v. onzinwoorden en aanbieden van begrippen in meer talen) en voor situaties waarin taal functioneert (b.v. m.b.v. spelsituaties). Ontwikkeling van taaldenkrelaties. Kinderen ervaren de functie van geschreven taal,en beheersen bijbehorende begrippen (‘zin’,’woord’,’klank’,’boek’,’krant’).
Groep 3
Spreken en luisteren
Als de groepen 1/2,maar op een hoger niveau. Elkaar vragen stellen en die beantwoorden.Verhaal analyseren en navertellen op hoofdzaken.Bij groepsgesprekken:op elkaar aansluiten,niet in de rede vallen.
Lezen
Voorlezen en vertellen door leerkracht, verdere ontwikkeling van ‘geletterdheid’. Aanvankelijk lezen:de leerlingen leren de beginselen van het technisch lezen,de klank-tekenkoppeling.Vormen van boekpromotie.Vrij lezen.
Schrijven
Schrijven van vrije teksten bij eigen tekeningen. Vrij schrijven over eigen ervaringen en vanuit de fantasie (verhaal, gedichtje,eenvoudige briefjes ).Ontwikkeling van het handschrift d.m.v schrijflesjes.Spelling:klankzuivere woorden met 1 lettergreep.
Taalbeschouwing
Uitbreiding woordenschat. Ontwikkeling taaldenkrelaties. Begrippen als bij de groepen 1/2,uitgebreid met o.a.’letter’,’hoofdletter’,’kleine letter’,’bladzijde’.Besef van geschreven taal als communicatiemiddel en van soorten teksten,zoals:boek,brief,handleiding.Enige spreekwoorden en uitdrukkingen.Besef van het bestaan van dialecten en van meerdere talen,zowel binnen als buiten Nederland.Afspraken maken over het gebruiken van regels bij klassengesprekken.
Groep 4
Spreken en luisteren
Als voorgaande jaren, met nabespreking van gevoerd (klassen) gesprekje. Gesprek samenvatten op hoofdzaken.Vragen stellen om verduidelijking.Verslag uitbrengen van gebeurtenissen.
Lezen
Technische leesvaardigheid vergroten. Lezen van fictie en zakelijke teksten.Voordrachtslezen.Gelezen verhaal in hoofdzaken navertellen en waarderen. Vragen bij teksten beantwoorden.Leerkracht:voorlezen en vertellen.Vormen van boekpromotie (Boekenkring,kinderen verwerven enige kennis van genres en van namen van auteurs).
Schrijven
Schrijven over ervaringen en vanuit fantasie in verhaal, gedichtje, brief,dialoog.Schrijven vanuit een rol.Gegeven woorden in een zin en gegeven zinnen in goede volgorde zetten.Ontwikkeling handschrift.Spelling:woorden met meer lettergrepen en niet-klankzuivere woorden.
Taalbeschouwing
Als groep 3 en verder: regels voor een brief, verschil in taalgebruik afhankelijk van de situatie. Andere talen, dialecten.Gebruik van communicatiemiddelen (brief/fax/e-mail/telefoon/televisie/radio) Het begrip lettergreep,evenals het begrip klankgroep.Meervoudsuitgangen,verkleinwoorden,gebruik van voegwoorden in samengestelde zinnen.
Groep 5
Spreken en luisteren
Vragen stellen om informatie te verzamelen (interviewen). Enige vaardigheid in discussiëren.Mening geven en met argumenten onderbouwen.Telefoneren.Begrijpen en samenvatten van eenvoudige nieuwsberichten.Kritisch luisteren naar een betoog.Voor de klas een belevenis vertellen.
Lezen
Leerkracht leest voor en vertelt. Vormen van boekpromotie. Verdere ontwikkeling van technisch lezen,voordrachtslezen.Lezen van fictie en zakelijke teksten.Hoofd-en bijzaken in zakelijke teksten kunnen onderscheiden en logische verbanden kunnen aanwijzen.Gebruik maken van alfabetisch geordende naslagwerken (woordenboek,telefoonboek,encyclopedie ).
Schrijven
Als in de groepen 3 en 4.Gebruik maken van bronnen bij het verzamelen van informatie van zakelijke teksten. Associatief denken om informatie op te roepen. Verschillende vormen van expressief schrijven:dichtvormen,reclameteksten,affiches,graffiti,dagboek,stripverhaal.Verslag van een gebeurtenis schrijven.Beantwoorden van vragen en opdrachten.Aandacht voor de lezer van het schrijfproduct.Ontwikkeling van het handschrift.Spelling:meer lettergrepen en meer niet-klankzuivere woorden.
Taalbeschouwing
Uitbreiding woordenschat en taal-denkrelaties.Spreekwoorden en gezegden.Kennen en toepassen alfabet.Zinnen knippen,spelen met woordvolgorden.Inzicht in gevoelswaarde,gebruik symbolen,letterlijk en figuurlijk taalgebruik.Betekenis van voor-en achtervoegsels.Homoniemen en synoniemen.
Groep 6
Spreken en luisteren
Als voorgaande jaren. Interview voorbereiden en afnemen. Samenvatten een waarderen van een gevoerd klassengesprek.Analyse van verhaal en betoog in hoofd-en bijzaken.Conclusies trekken uit informatie of betoog van een spreker.Verhalen maken en uitspelen in toneel of hoorspel.Voor de klas iets uitleggen.
Lezen
Als voorgaande jaren. Introductie in het leren gebruiken van naslagwerken. Systematisch aandacht voor begrijpend en studerend lezen:
· In zakelijke teksten onderscheiden hoofd-en bijzaken en verbanden (zoals oorzaak-gevolg, tijdsvolgorde )kunnen aangeven en weergeven in schema’s;
· Mening van een auteur vergelijken met de eigen mening;
· Argumenten onderscheiden en beoordelen op hun waarde;onderscheiden van feiten en meningen.
Schrijven
Verschillende vormen van expressief schrijven, waaronder dialogen voor poppenkast, hoorspel, toneel. Systematisch aandacht voor stellen van zakelijke en fictionele teksten:verzamelen en ordenen van informatie,opbouw (logische ordening,alinea’s ),publiek en verzorging (waaronder spelling,handschrift,lay-out ).Bedenken van vragen bij een onderwerp.Het schrijven van een werkstukje (b.v.verslag van onderzoekje ).Telegram.De ontwikkeling van het handschrift.Spelling:als voorgaande jaren;daarbij spelling van werkwoordsvormen;leestekens.
Taalbeschouwing
Woordenschat.Taal-denkrelaties.Spreekwoorden, uitdrukkingen, en gezegden. Analyseren van situaties om regels voor taalgebruik te herkennen (waaronder telefoongesprek, interview).Herkennen van manipulatie in taalgebruik.Inzicht in de opbouw van teksten.Ontleden in onderwerp,persoonsvorm,gezegde.
Groep 7-8
Spreken en luisteren
Voor de klas iets vertellen over een gebeurtenis,een onderzoekje of een gelezen boek,ook improviserend.De eigen mening verwoorden in een samenhangend betoog.Het betoog van iemand samenvatten.Deelnemen aan besluitvorming.Kernpunten uit een verhaal of betoog opschrijven.In groep 8 ook:een gesprek leiden.
Lezen
Als voorgaande jaren. Bij begrijpend en studerend lezen:
· Onderscheiden van doelen om te lezen(informatie kennen,mening leren kennen,vrijetijdsbesteding,instructie ontvangen );
· Leesstrategieën toepassen:globaal lezen,’dwalen’,’koppen snellen’;
· Een tekst bestuderen en leren door samenvatten,verbanden leggen,schematiseren,inprenten.
Schrijven
Als voorgaande jaren. Bij schrijven van zakelijke en fictionele teksten systematisch aandacht voor doelen om te schrijven (als bij lezen ) en aantekeningen maken en verwerken.Het schrijven van een gebruiksaanwijzing.Beschrijven van bekende voorwerpen en situaties,van gevoelens en ervaringen.Verdere ontwikkeling van het handschrift.Spelling:als voorgaande jaren,daarbij:werkwoordsvormen,leestekens,meer onveranderlijke woorden.
Taalbeschouwing
Woordenschat.Taal-denkrelaties.Spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden. Ontleden in persoonsvorm,onderwerp gezegde.Woordsoorten:zelfstandig naamwoord,werkwoord,bijvoeg-
lijk naamwoord.Directe en indirecte rede.Betekenis en gevoelswaarde.Doelen voor spreken.luisteren,lezen en schrijven.Regels voor de spelling van werkwoordsvormen.Trappen van vergelijking.Afkortingen en letterwoorden.
Bijlage 2
Kerndoelen Nederlandse cultuur
Kerndoelen Nederlandse cultuur
Algemene doelstelling
Aandacht voor de Nederlandse cultuur beoogt het in stand houden en versterken van de verbondenheid met de Nederlandse cultuur,om een succesvol verblijf in Nederland te bevorderen in geval van het volgen van een studie aldaar en ter ondersteuning van en aanvulling op de Nederlandse taallessen.
Wij onderscheiden de domeinen:
1-Festiviteiten,feestdagen,gebruiken en gewoontes;
2-Jeugdcultuur en actuele ontwikkelingen;
3-Nederlandkunde.
Kerninhouden bovenstaande domeinen
1-Leerlingen hebben kennis van en doen ervaringen op met typisch Nederlandse festiviteiten,feestdagen,gebruiken en gewoontes.
2-Leerlingen zijn op de hoogte van actuele ontwikkelingen en de jeugdcultuur in Nederland.
3-Leerlingen hebben kennis van de Nederlandse samenleving vanuit verschillende perspectieven.
Uitwerking in leerstofaanbod
1-Voor alle groepen
-Voor alle groepen wordt de jaarlijkse cyclus van feestdagen doorlopen,waarbij in ieder geval aandacht is voor Koninginnedag en Sinterklaas.Jaarlijks worden daarnaast andere feestdagen benadrukt,zoals carnaval,vader-en moederdag,Pasen,Kerst,etc.Incidenteel (als daartoe aanleiding is )worden typisch Nederlandse evenementen belicht,zoals b.v.De Elfstedentocht,Luilak,St.Maarten.
2-Voor alle groepen
-Lezen en spreken over Nederlandse kinder-en jeugdtijdschriften.Uitwisselen van persoonlijke ervaringen na contact met Nederland(bezoeken,visite,vakanties).
Groep3 t/m 8
-Contacten met kinderen in Nederland per post/e-mail.Lezen van en spreken over Nederlandse tijdschriften,krantenberichten,websites etc.
3-Voor alle groepen
-M.b.v het Pakket „Band met Nederland“ komen allerlei Nederlandse aspecten uit de Nederlandse cultuur aan bod,zoals : Kunst in Nederland,Onderweg in Nederland,Natuur in Nederland,Helden in Nederland etc.
RAPPORT LEEUWENBEKJESSCHOOL
Gegevens over de vorderingen in het schooljaar:………………………………………………..
Naam leerling:……………………………………………………………………………………
NEDERLANDSE TAAL
Mondeling taalgebruik:
|
Spreekvaardigheid:
|
|
Luistervaardigheid:
|
|
Woordenschat:
|
Schriftelijk taalgebruik:
|
Dictee:
|
|
Stellen:
|
|
Schrijven:
|
|
Taaloefeningen:
|
Lezen
|
Technisch lezen:
|
|
Begrijpend lezen:
|
Werkhouding:…………………………………………………………………………………..
Werktempo:……………………………………………………………………………………..
Huiswerk:……………………………………………………………………………………….
Dit rapport moet u zien als een verslag van de vooruitgang die het kind boekt.
Zijn kennis van het Nederlands hangt nauw samen met het gebruik van de Nederlandse taal in het gezin.
Dit rapport is ingevuld door:…………………………………………………………………….
Datum:…………………………………………………………………………………………...
Schoolplan VO
Normal 0 false false false MicrosoftInternetExplorer4 /* Style Definitions */ table.MsoNormalTable {mso-style-name:"Table Normal"; mso-tstyle-rowband-size:0; mso-tstyle-colband-size:0; mso-style-noshow:yes; mso-style-parent:""; mso-padding-alt:0cm 5.4pt 0cm 5.4pt; mso-para-margin:0cm; mso-para-margin-bottom:.0001pt; mso-pagination:widow-orphan; font-size:10.0pt; font-family:"Times New Roman"; mso-ansi-language:#0400; mso-fareast-language:#0400; mso-bidi-language:#0400;}
INHOUDSOPGAVE
Hoofdstuk 1 Blz.2 Schoolbeschrijving.
1 Naam en adres van de school.
2 Ontstaansgeschiedenis.
3 Aantal leerlingen per groep en contacten met andere scholen.
4 Vestigingsplaats en beschrijving van de lesruimtes.
5 Achtergrond van de leerlingen.
6 Het bevoegd gezag.
7 Overlegvormen.
Hoofdstuk 2 Blz.5 Uitgangspunten en doelstellingen.
1 Algemene uitgangsvormen.
2 Algemene doelstellingen.
Hoofdstuk 3 Blz.6 Onderwijskundig beleid.
1 Het onderwijsaanbod.
2 Doelstellingen en onderwijsplanning voor leerlingen uit onze taalsituatie.
3 Nederlandse cultuur.
4 De zorg voor de leerlingen.
5 Bewaking en verbetering van de kwaliteit.
Bijlage 1 Blz.10 Kerndoelen Nederlandse taal.
Bijlage 2 Blz 12 Kerndoelen Nederlandse cultuur.
Hoofdstuk 1
SCHOOLBESCHRIJVING
1 Naam en adres van de lessituatie.
Stichting Nederlandse Taal Kerkyra : De Leeuwenbekjes.
Velisariou 3
49 100 Corfu
Griekenland
2 Ontstaansgeschiedenis.
Op verzoek van een kleine groep ouders werd naar zoveel mogelijk Nederlanders een enquête verstuurd,om te onderzoeken of er belangstelling was voor lessen Nederlandse Taal en Cultuur in schoolverband.De respons op deze enquête was niet teleurstellend.In totaal werden 33 kinderen aangemeld(in de leeftijd van 4-14).Er werden contacten gelegd met lokale scholen om onderdak te vinden.Er waren al contacten met de Stichting N.O.B. in Nederland en die werden geïntensiveerd.Begin februari 1999 werd de eerste oudervergadering belegd;op dat moment waren er 2 leerkrachten beschikbaar en was er de toezegging van het XEN(YMCA)dat we daar de lokalen zouden mogen gebruiken.Het bestuur werd gekozen en besloten werd om verder te gaan met alle voorbereidende stappen,nodig om in september 1999 van start te kunnen gaan met de lessen Nederlandse Taal en Cultuur op Basisschoolniveau.In september 2001 bleek er behoefte aan lessen Nederlandse Taal en Cultuur op Voortgezet Onderwijsniveau,met als leerlijn:“Certificaat Nederlands als Vreemde Taal“.Daarmee is toen direct begonnen.
3 Aantal leerlingen per groep en contacten met andere scholen.
De kinderen op Voortgezet Onderwijsniveau worden verdeeld over 3 groepen van ongeveer 4 leerlingen.Een eerste groep, een tweede groep en een derde groep.Binnen de groep werken de kinderen zoveel mogelijk samen met kinderen van een vergelijkbaar niveau.We werken niet samen met een andere school,al zijn er contacten met scholen in Griekenland waar NTC-lessen worden gegeven.De kinderen volgen allemaal dagonderwijs op een Griekse school.De NTC-lessen worden na het dagonderwijs op een Griekse school gegeven.Contacten tussen de leerlingen zijn dus alleen mogelijk tijdens de lessen NTC en via de ouders.De ouders kunnen dat tijdens een wekelijkse koffieochtend gedurende de wintermaanden en andere activiteiten.
4 Vestigingsplaats en beschrijving van de lesruimtes.
De NTC-lessituatie was te gast op de school van het XEN(YMCA),die in het centrum van Corfustad ligt.De groepen hadden daar 3 ruimtes tot hun beschikking en konden gebruik maken van een buitenspeelplaats.De school was van alle faciliteiten voorzien.Sinds
Vanaf 2001 was de school gehuisvest in een gebouw uit de jaren negentig en had daar,op de eerste verdieping,2 ruime lokalen met openslaande balkondeuren tot zijn beschikking,die gebruikt werden om de verschillende groepen te onderwijzen.De grootste ruimte werd gedeeld met de „Hollandse Club“en was in gebruik als peuter/kleuterlokaal.Het kleinere lokaal werd door de rest van de groepen gebruikt.In deze ruimte bevond zich de kinderbibliotheek met lees-en prentenboeken en documentatiemateriaal.Ook was er de beschikking over 3 computers en een collectie educatieve cd-roms.De school was hier van alle faciliteiten voorzien.Vanaf 2003 is de school gehuisvest in een vrij oud gebouw in het centrum van Corfustad.Op de tweede verdieping beschikt de school over 2 lokalen met openslaande balkondeuren en een klein lokaaltje.De vierde ruimte wordt gedeeld met de“Hollandse Club“.In de kleinste ruimte bevindt zich de kinderbibliotheek met lees-en prentenboeken,video’s,tapes,kindertijdschriften,educatieve cd-roms en documentatiemateriaal.Ook gebruiken wij daar 2 computers.Wederom is de school van alle faciliteiten voorzien.
5 Achtergronden van de leerlingen.
De populatie van onze NTC-lessituatie bestaat uit kinderen uit gemengde huwelijken.Het zijn kinderen bij wie een van de ouders(meer of minder)Nederlands spreekt met het kind.Juist omdat deze gezinnen Grieks-ingezetenen zijn en er geen plannen bestaan om naar Nederland te verhuizen,wordt het Nederlands thuis als voertaal snel verdrongen door het Grieks,zeker als de kinderen basisonderwijs gaan volgen.De andere ouder spreekt een andere taal(meestal het Grieks),waar het kind in meerdere mate mee opgroeit.De niet-Nederlandse taal is dominant en het kind heeft te maken met een andere dagschooltaal dan het Nederlands.In ons NTC-onderwijs gaan wij uit van taalsituatie 1 en 2.
6 Het bevoegd gezag.
Het bestuur bestaat uit een voorzitster,een secretaresse,een penningmeesteres en 2 leden.De vergaderfrequentie is 1 keer per maand of vaker indien nodig.Het bestuur is formeel verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de school.De belangrijkste taak van het schoolbestuur is het maken van het beleid en erop toezien dat het beleid ook wordt uitgevoerd .De taken en functie van het bestuur zijn vastgelegd in de statuten van onze stichting.Het bestuur legt verantwoording af aan de ouders in de Algemene oudervergaderingen die tenminste 1 keer per jaar worden gehouden.Het bestuur onderhoudt contact met de leerkrachten betreffende de gang van zaken.Bij de bestuursvergadering is het personeel meestal aanwezig.Het bevoegd gezag stelt op voordracht van het team het schoolplan vast.Verschillen van mening tussen ouders en bestuur worden zoveel als mogelijk in onderling overleg opgelost.Indien dit niet tot overeenstemming leidt,kan een commissie van geschillen worden ingesteld.
7 Overlegvormen.
Wij maken gebruik van verschillend overlegvormen:
· Teamoverleg:dit maandelijkse overleg behandelt onderwerpen die betrekking hebben op de normale gang van zaken.
· Leerlingbesprekingen:leerlingbesprekingen maken deel uit van het maandelijkse teamoverleg.
De betrokkenheid van de ouders is enerzijds groot door het gedeelde belang van het georganiseerde onderwijs in Nederlandse Taal en Cultuur,hetgeen tot voor het oprichten van de school op een of andere wijze individueel werd gedaan.Aan het begin van het schooljaar wordt er een kennismakingsochtend georganiseerd voor ouders en alle leerlingen;het initiatief en de organisatie ligt in handen van het bestuur en de leerkrachten.In de oudervergadering wijzen de leerkrachten regelmatig op het belang van het thuis beoefenen van de Nederlandse taal om de lessen NTC tot een succes te maken(thuis Nederlands spreken/lezen en aandacht besteden aan het huiswerk).
Hoofdstuk 2
UITGANGSPUNTEN EN DOELSTELLINGEN
1 Algemene uitgangspunten.
Het onderwijs op onze NTC-lessituatie wordt bepaald door het specifieke karakter ervan.Het is een deel van het totale basis-en voortgezetonderwijs dat het kind wordt aangeboden.Voor de kinderen die onze NTC-lessituatie bezoeken,is door de ouders veelal bewust gekozen voor het Grieks als moedertaal en voor Nederland als het land waarmee speciale emotionele en culturele banden onderhouden worden.Ons onderwijs heeft daarom een uiterst belangrijke taak als centrum van de Nederlandse taal en cultuur.Veel kinderen zullen na zekere tijd mogelijk naar Nederland gaan om daar hun educatie voort te zetten.Vanaf mei 2002 bestaat de mogelijkheid om op school examen te doen op alle niveau’s voor het“Certificaat Nederlands“.
2 Algemene doelstellingen.
Rekening houdend met de bijzondere positie die onze NTC-lessituatie in het buitenland inneemt,formuleren wij de volgende doelstellingen:
· De NTC-lessituatie heeft als taak de Nederlandse taal een plaats te geven binnen de totale opvoeding van het kind.In het bijzonder betekent dit dat het NTC-onderwijs de Nederlandse taal en cultuur aanbiedt.
· Om het NTC-onderwijs succesvol te laten verlopen hebben wij als richtlijn een minimum aantal gewenste onderwijsuren van 120 uren per jaar c.q.3 uur per week.
· Leerstof en vaardigheden die bij het onderwijs in Nederlandse taal en cultuur overgedragen worden,staan ten dienste van de totale persoonlijkheidsvorming.
· De NTC-lessituatie heeft ook als doel om een eventuele aansluiting met het Nederlands onderwijs zo goed mogelijk te laten verlopen.Daarom maakt,naast de Nederlandse taal,ook de Nederlandse cultuur deel uit van het onderwijsaanbod.
· De NTC-lessituatie op Corfu moet uitgaan van het standpunt dat het Nederlands voor onze kinderen de tweede taal is.Het doel is daarom ook de kinderen plezier bij te brengen in het gebruiken van de Nederlandse taal.
Hoofdstuk 3
ONDERWIJSKUNDIG BELEID
1 Het onderwijsaanbod.
Het inschatten van taalsituaties is belangrijk.Eerder is vermeld met welke taalsituaties we te maken hebben.Voor deze taalsituaties geven we ons onderwijsaanbod weer.Met name bij het opstellen van de onderwijsinhoud komt de complexiteit van ons onderwijs naar voren:hoe scheppen we voldoende taalgebruiksituaties die motiverend voor de leerlingen zijn,terwijl we toch voldoen aan de gestelde doelstellingen.Een goede voorbereiding,zowel didactisch als organisatorisch als wat betreft de keuze van materialen vinden we noodzakelijk om kwalitatief goed werk te leveren.
2 Doelstelling en onderwijsplanning voor leerlingen uit onze taalsituaties.
Doelstelling.
De niet-Nederlandse taal is dominant.Daarom vinden wij het van belang om de Nederlandse taalontwikkeling nauwkeurig te volgen en aan te sluiten bij het niveau van de leerlingen.Doelstelling is dan het bijhouden en stimuleren,zowel schriftelijk als mondeling van het Nederlands,aansluitend bij het niveau van de leerlingen.
Onderwijsplanning.
Bij het maken van lesplanningen voor leerlingen uit genoemde taalsituaties is de meertaligheidsproblematiek nadrukkelijk aanwezig;het kind groeit op met 2 talen.Alle taalaspecten dienen aan de orde te komen op een manier die voor de leerlingen aantrekkelijk blijft.Ze hebben meestal al een lange schooldag achter de rug en komen thuis met een behoorlijke hoeveelheid huiswerk.Bovendien is het gewoon in Griekenland dat kinderen al vanaf jonge leeftijd privéles krijgen in vreemde talen.Op de middelbare school komen daar vakken bij zoals b.v.Oud Grieks,wiskunde en computerkunde.
Onze kerndoelen betreffen de domeinen spreken,luisteren,lezen en schrijven.Om die te bereiken gebruiken we de volgende materialen:
Groep 1
-Code Nederlands 1
-Schrijverij
-Nederlands voor Griekstaligen
(een beknopte grammatica met oefeningen)
-Wat je zegt!
|
Toetsmaterialen
-Toetsen taalmethode C.N.1
-Toetsen en Teksten,Nederlands voor anderstaligen
niveau el.kennis
-Examens van voorafgaande jaren (de vernieuwde)
|
Groep 2
-Code Nederlands 2
-Schrijverij
-Nederlands voor Griekstaligen
(een beknopte grammatica met oefeningen)
-Wat je zegt!
|
Toetsmaterialen
-Toetsen taalmethode C.N.2
-Toetsen en Teksten,Nederlands voor anderstaligen
niveau basiskennis
-Examens van voorafgaande jaren (de vernieuwde)
|
Groep 3
-Code Nederlands 2
-Schrijverij
-Nederlands voor Griekstaligen
(een beknopte grammatica met oefeningen)
-Wat je zegt!
|
Toetsmaterialen
-Toetsen taalmethode C.N.2
-Toetsen en Teksten,Nederlands voor anderstaligen
niveau uitgebr.kennis
-Examens van voorafgaande jaren (de vernieuwde)
|
3 Nederlandse cultuur.
Omdat onze NTC-lessituatie ook tot doel heeft de leerlingen kennis te laten maken met de Nederlandse cultuur,maken onderwerpen betreffende de Nederlandse cultuur onderdeel uit van ons onderwijsaanbod.Zie bijlage 2.
4 De zorg voor de leerling.
Algemeen.
Wij proberen voor onze taalsituaties een goede zorgverbreding te kunnen realiseren.Preventieve zorg vindt plaats door de inschatting van taalsituaties van leerlingen.Voor elke taalsituatie zijn doelen gesteld en met behulp van o.a.signaleringstoetsen wordt nagegaan welke leerlingen deze doelen niet halen.Bij uitval verricht de leerkracht nader onderzoek en stelt een handelingsplan op,om dit vervolgens in de klas uit te voeren.Ook kinderen die opvallend hoger presteren dan de norm,krijgen een op onderdelen aangepast programma.
In de zorg voor de leerlingen onderscheiden we in het algemeen 4 fasen:
· Signalering/opsporing van risicoleerlingen;
· Diagnosticering/doen van nader onderzoek;
· Remediëring/speciale begeleiding;
· Evaluatie van die speciale begeleiding.
Hieronder volgt een beschrijving van de concretisering van deze fasen op onze school.
Signalering.
Groep 1,2 en 3:Toetsen taalmethode C.N.1 en 2
:Toetsen en Teksten,Ned. voor anderstaligen,niveau 1/2/3.
: Examens voorafgaande jaren op niveau 1/2/3/4.
Diagnosticering.
Voor het diagnosticeren worden op onze NTC-lessituatie bovenstaande toetsen en examens geanalyseerd.
Speciale begeleiding.
Indien blijkt dat naar aanleiding van de verzamelde informatie een handelingsplan noodzakelijk is,wordt na het stellen van de diagnose een handelingsplan opgesteld.De uitvoering van dit handelingsplan wordt door de leerkracht van de groep uitgevoerd.Een handelingsplan bestrijkt in de meeste gevallen 6 weken en kan na evaluatie verlengd worden.
Evaluatie.
Systematische toetsing en observatie vinden wij van belang om de ontwikkeling van de kinderen bij te houden en te beoordelen.Door een eventuele aanpassing van het onderwijsprogramma kann dit zo goed mogelijk op het kind worden afgestemd.De klassikale toetsgegevens verzamelen we in een map per groep.
In het geval dat speciale begeleiding noodzakelijk is,kijken we na een van te voren vastgestelde periode of de speciale begeleiding effect heeft gehad en of de voortzetting van speciale begeleiding wenselijk is.Handelingsplannen verzamelen we in een leerlingdossier.
Privacy.
De leerlingdossiers bewaren we bij de leerkracht van de betrokken groep en zijn slechts toegankelijk voor direct betrokkenen.Leerlingdossiers bestaan uit:
· Personalia en eventuele medische gegevens;
· Eventuele handelingsplannen;
· Verslagen.
De contacten met de ouders.
De contacten met de ouders over de vorderingen van kinderen op onze school onderhouden we op de volgende wijze :
· Eenmaal per jaar ontvangen ouders een schriftelijke rapportage van de vorderingen van hun kind ;
· Eenmaal per jaar worden de ouders uitgenodigd om met de groepsleerkracht het rapport van hun kind te bespreken in een tien-minutengesprek.
Onderwijskundig rapport.
Over iedere leerling die de school verlaat wordt ten behoeve van de ontvangende school of instelling een onderwijskundig rapport opgesteld,ondertekend door de directeur van de school.De ouders ontvangen hiervan een afschrift.In dit rapport staan onder meer de algemene gegevens,bijzondere gegevens(zoals leerbelemmeringen,medische gegevens,specialistische hulp)en gegevens over de vorderingen van de leerling bij de leer-en vormgebieden.In ieder geval wordt vermeld binnen welke taalsituatie de leerling onderwijs heeft gevolgd.
5 Bewaking en verbetering van de kwaliteit.
Het onderwijsaanbod.
Door middel van het afnemen van toetsen bewaken wij de kwaliteit van ons onderwijsaanbod.De resultaten van deze toetsen worden 2 keer per jaar besproken met het team.Deze vergaderingen kunnen leiden tot een bezinning op de gehanteerde pedagogisch-didactische aanpak en tot het veranderen van het aanbod van lesmateriaal.
De leerlingenzorg.
Wij hanteren verschillende middelen om ervoor te zorgen dat de kwaliteit op het gebied van de leerlinenzorg verankerd blijft in de dagelijkse praktijk en open blijft staan voor verbetering:
· Een keer per jaar hebben we een evaluatievergadering met het team,waarin tevens punten van verbetering worden opgesteld;
· Leerlingbesprekingen;
· Bijstellen van het schoolplan;
· Bespreking signaleringstoetsen.
De overleg-en besluitvormingsprocedures.
Tijdens de jaarlijkse evaluatievergadering besteden we aandacht aan de door ons gehanteerde overleg-enbesluitvormingsprocedures t.a.v.de schoolorganisatie in het algemeen en de leerlingenzorg in het bijzonder.Ter sprake komen:
· Bestuursvergaderingen;
· Teamvergaderingen;
· Bespreking resultaten van signaleringstoetsen;leerlingbesprekingen;
· Jaarlijkse evaluatievergadering.
Wij evalueren of de gehanteerde werkwijzen bijdragen aan de kwaliteit van ons onderwijs.Ook beoordelen wij in deze vergadering of eventueel gesignaleerde knelpunten in ons onderwijs weggenomen kunnen worden door overleg-en besluitvormingsprocedures aan te passen of te veranderen.
Bijlage 1
KERNDOELEN NEDERLANDSE TAAL
Nederlandse taal.
Algemene doelstelling
Het onderwijs in de Nederlandse taal is erop gericht,dat de leerlingen vaardigheden ontwikkelen waarmee ze deze taal doelmatig gebruiken in situaties die zich in het dagelijks leven voordoen;kennis en inzicht verwerven omtrent betekenis,gebruik en vorm van taal;plezier hebben of houden in het gebruiken en beschouwen van taal;examen kunnen afleggen om een Certificaat Nederlands als Vreemde Taal te behalen.Het nieuwe certificatenstelsel bestaat uit 4 profielen:PAT/PPT/PMT/PTIT.Voor elk profiel wordt 1 examen ontwikkeld,waarvoor een certificaat behaald kan worden.
We onderscheiden de domeinen:lezen,schrijven,luisteren/spreken.
Verdeling van de leerstof over de groepen:
Groep 1.
Lezen.
Lezen van fictie en zakelijke teksten.De hoofdgedachte kunnen achterhalen en de gedachtegang kunnen volgen van informatie,vragen,beschrijvingen van ervaringen en gevoelens die in teksten zoals persoonlijke briefjes of e-mails,weerberichten en in boeken worden verwoord.Informatie en instructies in teksten zoals formulieren,publieke opschriften,veiligheidsvoorschriften en reclameteksten in winkels kunnen begrijpen.Informatie en instructies kunnen selecteren in teksten zoals aankondigingen,folders en brochures,informatietabellen,publieke opschriften,postkaartjes/ansichtkaartjes persoonlijke briefjes of e-mails.
Schrijven.
Informatie en meningen kunnen invullen in teksten zoals formulieren en vragenlijsten.Argumenten,informatie,instructies,vragen,beschrijvingen van gevoelens,meningen en ervaringen kunnen weergeven in teksten zoals memo’s en korte berichten,persoonlijke briefjes,e-mails en postkaartjes/ansichtkaartjes.
Luisteren/spreken.
Informatie en instructies kunnen selecteren in teksten zoals publieke aankondigingen,instructies en weerberichten.De hoofdgedachte kunnen achterhalen en de gedachtegang kunnen volgen in informatie,vragen,beschrijvingen van ervaringen en gevoelens b.v.tijdens persoonlijke gesprekken.Informatie en instructies in detail kunnen begrijpen in teksten zoals uitnodigingen en wegbeschrijvingen.Zelf informatie,vragen,beschrijvingen van ervaringen en gevoelens kunnen formuleren,b.v.tijdens persoonlijke gesprekken.Informatie kunnen selecteren uit b.v.(telefoon)gesprekken.
Groep 2.
Lezen.
Lezen van fictie en zakelijke teksten.Het globale onderwerp kunnen bepalen en de gedachtegang kunnen volgen van informatie,beschrijvingen van ervaringen en gevoelens in teksten zoals boeken,korte verhalen,gedichten,stripverhalen,ondertiteling(TV of film).Informatie en instructies tot in detail begrijpen in teksten zoals handleidingen,handboeken,advertenties en formulieren.Informatie en instructies kunnen selecteren in teksten zoals persoonlijke e-mails,brieven,ansichtkaartjes/postkaartjes,folders,brochures,informatietabellen, kranten,tijdschriften en reglementen.
Schrijven.
Informatie kunnen invullen in b.v.formulieren.Zelf informatie,instructies,vragen,argumenten,beschrijvingen van ervaringen,gevoelens en meningen kunnen formuleren in teksten zoals memo’s en korte berichten,persoonlijke brieven,postkaartjes/ansichtkaartjes en e-mails(formeel en informeel).
Luisteren/spreken.
De hoofdgedachte kunnen achterhalen en de gedachtegang volgen van informatie in teksten zoals nieuwsberichten,documantaires,entertainment(film,show etc.)en sportcommentaren.Informatie kunnen selecteren en vergelijken in teksten zoals publieke aankondigingen,advertenties,reclameboodschappen en instructies.Informatie,vragen en instructies tot in detail kunnen begrijpen en formuleren in.b.v.formele gesprekken.Informatie,vragen,instructies en beschrijvingen van ervaringen en gevoelens kunnen selecteren en formuleren tijdens b.v. een (telefoon)gesprek en bijeenkomsten.
Groep 3.
Lezen.
Informatie,argumenten,conclusies,vragen en instructies tot in detail kunnen begrijpen in teksten zoals memo’s,vacatures en formulieren.Informatie,argumenten,conclusies,vragen en instructies kunnen selecteren in teksten zoals zakelijke brieven,faxen of e-mails,handleidingen,brochures en folders,informatietabellen,verslagen,reglementen,telefoonboeken en andere naslagwerken.
Schrijven.
Informatie,argumenten,conclusies,vragen en instructies kunnen weergeven in teksten zoals formulieren,(zakelijke) brieven,memo’s of korte berichten en sollicitatiebrieven.
Luisteren/spreken.
Informatie,vragen en instructies tot in detail kunnen begrijpen,b.v.tijdens een sollicitatiegesprek. Informatie,instructies en argumenten kunnen selecteren b.v.tijdens opleidingen,vergaderingen en (telefoon)gesprekken.Structuur kunnen aanbrengen in informatie en de beschrijving van ervaringen b.v.tijdens interviews.Informatie,argumenten en conclusies kunnen vergelijken,b.v.tijdens presentaties.Zelf informatie en vragen kunnen formuleren b.v.tijdens sollicitatiegesprekken,interviews,(telefoon)gesprekken,vergaderingen en opleidingen.Informatie kunnen weergeven b.v.tijdens (telefoon)gesprekken,interviews en vergaderingen.
Bijlage 2
KERNDOELEN NEDERLANDSE CULTUUR
Kerndoelen Nederlandse cultuur.
Algemene doelstelling.
Aandacht voor de Nederlandse cultuur beoogt het in stand houden en versterken van de verbondenheid met de Nederlandse cultuur,om een succesvol verblijf in Nederland te bevorderen in geval van het volgen van een studie aldaar en ter ondersteuning van en aanvulling op de Nederlandse taallessen.
Wij onderscheiden de domeinen:
· Festiviteiten,feestdagen,gebruiken en gewoontes;
· Jeugdcultuur en actuele ontwikkelingen;
· Nederlandkunde.
Kerninhouden bevenstaande domeinen.
· Leerlingen hebben kennis van en doen ervaringen op met typisch Nederlandse festiviteiten,feestdagen,gebruiken en gewoontes.
· Leerlingen zijn op de hoogte van actuele ontwikkelingen en de jeugdcultuur in Nederland.
· Leerlingen hebben kennis van de Nederlandse samenleving vanuit verschillende perspectieven.
Uitwerking in leerstofaanbod.
Voor alle groepen wordt de jaarlijkse cyclus van feestdagen doorlopen,waarbij in ieder geval aandacht is voor Koninginnedag en Sinterklaas.Jaarlijks worden daarnaast andere feestdagen benadrukt,zoals carnaval,Pasen,Kerst,etc.Incidenteel(als daartoe aanleiding is)worden typisch Nederlandse evenementen belicht,zoals b.v.De Elfstedentocht,Luilak,St.Maarten etc.
Lezen en spreken over Nederlandse (jeugd)tijdschriften,literatuur,krantenberichten,websites.Uitwisselen van persoonlijke ervaringen na contact met Nederland(bezoeken,visite,vakanties,zomerkampen etc.)Contact met kinderen,familie etc. in Nederland per post/e-mail.
M.b.v het pakket“Band met Nederland“komen allerlei Nederlandse aspecten uit de Nederlandse cultuur aan bod,zoals:Kunst in Nederland,Onderweg in Nederland,Natuur in Nederland,Helden in Nederland etc.
|